U bent hier:

Tweede Kamer bespreekt gewasbescherming onder hoge tijdsdruk

De Tweede Kamer sprak op 11 juni over de toekomst van gewasbescherming. De Omnibus, het convenant en de definitie van biocontrol kwamen in één debat samen. 

Twee dossiers, één debat

Op 11 juni sprak de vaste Kamercommissie voor Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur over gewasbeschermingsmiddelen. In dit notaoverleg kwamen twee dossiers samen: het Europese compromisvoorstel voor vereenvoudiging van regelgeving, de Food and Feed Safety Simplification Omnibus, en het nationale convenant gewasbescherming. Voor Artemis en haar leden is dit debat relevant. Het raakt direct aan de beschikbaarheid van biocontrol, biologische bestrijders en biostimulanten voor weerbare teeltsystemen. 

 

Advies van het Ctgb

Maandag, voorafgaand aan het debat, is het nieuwe EU compromisvoorstel pas voorgelegd aan de lidstaten. Hierdoor was de tijd kort om het te beoordelen. Ctgb kwam 1 dag voor het debat met een kritisch oordeel over het Europese compromis: het kan niet garanderen dat het huidige beschermingsniveau voor mens, dier en milieu behouden blijft. Coalitiepartijen hadden daardoor amper tijd om het advies te wegen. Het CDA schrapte ter plekke zijn voorbereide tekst. D66 noemde zichzelf tijdens het debat "uitgeput" van het tempo. Vrijwel alle fracties spraken van haastwerk, mede doordat het Cypriotische EU-voorzitterschap er vaart achter zette. Staatssecretaris Erkens koos er toch voor om op 12 juni namens Nederland in te stemmen met het Europese compromisvoorstel, met een stemverklaring over een Europees signaleringssysteem op basis van wetenschappelijke kennis en monitoring data voor borging beschermingsniveau mens, dier en milieu. Dat systeem bestaat nu nog niet. 

Wat Artemis vooraf had gevraagd

Artemis bracht op 12 mei een position paper #2 in bij de Kamer. Daarin staan drie voorwaarden: een duidelijke definitie van biocontrol: biologische bestrijders, micro-organismen, semiochemicals en natuurlijke stoffen met een laag risicoprofiel; Europees verduurzamingsloket voor stoffen; en voldoende capaciteit bij EFSA en Ctgb. 

Voor het debat op 11 juni is een aanvullend position paper opgesteld en verstuurd naar de Kamer. Bekijk hier de Artemis position paper #3:
Biologische werkzame stoffen in de Simplification Omnibus: definieer op oorsprong, beoordeel op risico

Scherpere definitie, maar nog niet vastgelegd

Erkens bevestigde tijdens het debat dat Nederland in Brussel heeft ingezet op een scherpere definitie van biocontrol. Maar hij erkende ook dat een biologisch middel dat niet als laagrisico wordt geclassificeerd, geen toegang krijgt tot de snellere route, ook niet bij een natuurlijke oorsprong. Dat raakt vooral micro-organismen, die niet eenvoudig passen in een beoordelingskader dat oorspronkelijk voor chemische stoffen is gemaakt. Vanuit Artemis wordt gepleit voor het ontwikkelen van EU-beoordelingsguidances specifiek afgestemd op biologische werkzame stoffen.  

Vier moties aangenomen: meer ruimte voor de systeemaanpak 

Uit het debat kwamen vier aangenomen moties die relevant zijn voor weerbare teeltsystemen. Voor Artemis is vooral de samenhang tussen deze moties van belang: ze raken de vraag welke biologische oplossingen beschikbaar zijn, de ruimte om geïntegreerde gewasbescherming in de praktijk te testen, en de drempels voor biologische teelt. 

  • De motie van Podt (D66) en Goudzwaard (JA21) vraagt om de gehele biologische sierteeltketen te betrekken bij het Actieplan Biologische Landbouw, zodat onnodige drempels worden weggenomen. De motie wijst op concrete knelpunten voor bloemisten die biologische bloemen willen verkopen: een dure registratieplicht, de eis om een boeket alleen onder één dak met de klant samen te stellen, en ingewikkelde regels voor een online webshop. Voor Artemis is dit relevant, omdat biologische oplossingen alleen kunnen groeien wanneer de hele keten wordt meegenomen, van producent en distributeur tot teler, handel en bloemist. Niet alleen in de landbouw maar ook in de sierteelt.
     
  • De motie van Den Hollander (VVD) c.s. vraagt het kabinet te inventariseren welke nationale en Europese belemmeringen geïntegreerde gewasbescherming in de weg staan, en te verkennen hoe regulatory sandboxes kunnen worden ingezet om innovatieve maatregelen in de praktijk te testen. Ook vraagt de motie om maatregelen binnen geïntegreerde gewasbescherming te beoordelen op effectiviteit, proportionaliteit en milieuwinst over meerdere gewassen heen, in plaats van per afzonderlijk gewas, en de Kamer voor eind 2026 te informeren over de voortgang. Dat sluit direct aan bij de systeemaanpak die Artemis ondersteunt: sterke gewassen, biologie als basis en ondersteunende technologie voor o.a. monitoring en gerichte inzet van middelen in samenhang.
     
  • De motie van Goudzwaard (JA21) c.s. gaat over PFAS-houdende gewasbeschermingsmiddelen, die de komende jaren mogelijk wegvallen vanwege de vorming van TFA en risico's voor het grondwater. Voor meerdere teelten spelen deze middelen een rol bij de bestrijding van schimmelziekten, terwijl er nog onvoldoende toegelaten alternatieven beschikbaar zijn. De motie vraagt het kabinet om voor eind 2026 per teelt inzichtelijk te maken welke toegelaten alternatieven er zijn, wat hun effectiviteit en milieubelasting is, en welke middelen op korte en middellange termijn beschikbaar komen, en de Kamer een plan van aanpak te sturen om de beschikbaarheid van effectieve alternatieve middelen te versnellen. Voor Artemis is dit een aanknopingspunt om praktijkkennis van leden direct te koppelen aan dit dossier en versnelling te krijgen voor biologische oplossingen.
     
  • De gewijzigde motie van Jansen (PVV) vraagt het Ctgb de beoordeling van laagrisico-gewasbeschermingsmiddelen prioritair te behandelen, om de transitie te versnellen. Dit raakt een kernpunt voor Artemis: laagrisicomiddelen moeten sneller beschikbaar komen voor boeren en telers. Snellere beoordeling versnelt de omslag naar weerbare teeltsystemen, mits de beoordelingscapaciteit en expertise bij het Ctgb meegroeien. Hiervoor is reeds het verduurzamingsloket van Ctgb ingericht. Om te komen tot een Green Lane voor het gehele toelatingstraject pleit Artemis voor een verduurzaminggsloket op stofniveau in Europa.  

Met deze vier moties vraagt de Kamer het kabinet om meer inzicht in beschikbare biologische en laagrisico-middelen per teelt, meer ruimte om geïntegreerde gewasbescherming in de praktijk te testen, en een snellere beoordeling van laagrisicomiddelen bij het Ctgb. 

Op 12 juni jl. heeft de Raad van de Europese Unie geen mandaat gekregen van de lidstaten om de onderhandelingen met het Europees Parlement (triloog) te starten. Er was onvoldoende steun voor het huidige compromisvoorstel op verschillende deelonderwerpen. De Food and Feed Simplification Omnibus betreft namelijk een pakket aan wijzigingen voor drie richtlijnen en elf verordeningen, waaronder die van gewasbescherming. Het is dus heel complex om te komen tot een gezamenlijk mandaat op alle onderwerpen. Gewerkt wordt nu aan nieuw compromisvoorstel dat op voldoende steun van lidstaten kan rekenen. Dat besluit ligt bij de voorzitter van de Raad, op dit moment Cyprus en per 1 juli 2026 Ierland.  

▶️ Bekijk het gehele debat terug via DebatDirect.